Narcisme_3

Narcisme_3

Narcist in therapie

informeert na aankomst bij medepatiënten wie de beste therapeut is. Alleen door die therapeut wil hij worden behandeld. Want slechts mensen die net zo getalenteerd en slim zijn als hijzelf kunnen hem misschien begrijpen.’

Een narcist is een geboren charmeur. Hij weet hoe hij mensen moet inpalmen om zijn zin te krijgen. ‘Als therapeut word je dus eerst helemaal opgehemeld.’ Dat is best vleiend, geeft van Beek toe, maar het hoort wel bij het ziektebeeld van zijn patiënt.

Zo kan de verering bij een verkeerde opmerking van de behandelaar ook in één klap omslaan in verachting. Af en toe gepaard met agressie.

Voor een narcist is het leven zwart-wit. Je bent vriend óf vijand. Narcisten willen namelijk voortdurend bewonderd worden, verklaart ook hoogleraar Van Marle, die oud directeur is van het Pieter Baan Centrum. ‘

Ze gaan vooral om met anderen om er zelf beter van te worden.’ Geen actie is geheel onbaatzuchtig. Van de personen die hij de hemel in prijst verwacht hij op zijn minst de zelfde adoratie terug.
Zelf laat hij zich er niets aan gelegen liggen om zijn prestaties, kwaliteiten, kennis en contacten schromelijk te overdrijven.

Ondertussen fantaseert de narcist rustig door over de grote successen en roem die hem in het leven nog te wachten staan. Wie een narcist in zijn zelfbedachte grootheid belemmert en hem bekritiseert, wordt linea recta door hem ingedeeld in het kamp van de vijand.

Een goede teamplayer zal een narcist dus nooit worden. Tenzij het hem uitkomt. Toch straalt hij met zijn dadendrang en enthousiasme ( al is het maar zijn eigen plannen te verwezenlijken en zijn kunde te onderstrepen) wel iets positiefs en krachtigs uit.

Dit laatste maakt hem ook seksueel aantrekkelijk. Van Marle herinnert zich uit zijn tijd als oud-directeur van een tbs-kliniek dat er altijd wel een stagiaire aan een narcist bleef hangen. ‘Hoe kan het toch, vroeg ik me dan af, maar een narcist weet precies wat hij moet zeggen tegen zo`n meisje.’

Dat zij bijvoorbeeld de enigste is die hem helemaal begrijpt. ‘Jammer is wel dat ik weet dat hij dat tegen iedereen zegt. ’ Een narcist heeft maar wat graag een vrouw aan zijn zijde, constateert Van Beek. ‘ Dat levert natuurlijk ook status op. ’

Een relatie aangaan met iemand die aan narcistische persoonlijkheidsstoornis leidt is echter stukken minder prettig. Het is vooral heel eenzaam. De hele relatie staat namelijk ten dienste van zijn eer en glorie. ‘Een narcist kan zich niet in een ander inleven. Hij doet alleen alsof om zo een ander naar zijn hand te zetten. Hij kan en wil geen rekening houden met de behoeften van zijn partner’, zegt Van Beek. ‘Het is altijd me, myself and I.’

Thuis wil hij behaagd worden en steekt hij geen poot uit. De vrouw moet het gezin alleen draaiende zien te houden maar ze krijgt wel met de soms onredelijke eisen en het wantrouwen van haar man te maken. Als ze uiteindelijk besluit dat ze dan nog beter alleen af is en de man verlaat, is de narcist tot in zijn diepste gekrenkt.

Ineens is alle bravoure verdwenen en blijft er een klein, boos zielig en kwaadaardig mannetje achter. Die ook aan de buitenwereld zal moeten toegeven dat hij in ieder geval op één vlak, zijn liefdesleven, niet succesvol is en daar geen controle over heeft.

Deze vernedering wordt sommige narcisten te veel. Als hij kappot wordt gemaakt dan moet op zijn minst de verantwoordelijke voor zijn ellende mee de afgrond in worden gesleept. ‘Waarbij een narcist pur sang zich onderscheidt door uiteindelijk wel zijn vrouw en kinderen psychisch om te brengen, maar geen psychische zelfmoord te plegen’, aldus Van Marle. ‘Voor dat laatste houdt hij namelijk te veel van zichzelf.’

Is er een oplossing? Volgens de hoogleraar forensische psychiatrie niet. ‘Narcisme valt moeilijk te genezen.’ Een narcist is er namelijk van overtuigd dat hem niets mankeert. ‘Je kunt beter hopen dat je er snel achter komt wanneer je er met één te maken hebt.”